...

Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) zullen er in Nederland over tien jaar 17,3 miljoen inwoners wonen. Dat zijn er 600.000 meer dan vandaag. Net zoals in de rest van Europa zal de vergrijzing ook in Nederland ongenadig toeslaan. Het aantal 65-plussers zal met 35 procent stijgen. Dat wil zeggen dat in 2021 een op de vijf Nederlanders ouder dan 65 jaar zal zijn. Het aantal mensen dat jonger is dan 65 jaar, zal daarentegen met 2 procent afnemen. Demografie Deze evolutie heeft een effect op de kosten van de gezondheidszorg en - daar onlosmakelijk mee verbonden - op de kosten voor geneesmiddelen. De SFK heeft zich over de demografische gegevens gebogen en die verbonden met de geneesmiddelenkost. Daarbij hield ze geen rekening met de vergoedingen die worden uitgekeerd voor werkzaamheden in de officina. Het gaat dus om de zuivere geneesmiddelenkosten van medicijnen die in de openbare apotheken verkocht worden. In 2011 bedroegen die kosten 3,8 miljard euro. Om maar even te vergelijken: tien jaar eerder - in 2001 - was dat nog 2,95 miljard euro. Als men die evolutie doortrekt, rekening houdt met de vergrijzing en een aantal andere parameters, dan komen de onderzoekers voor 2021 uit op een prognose van 280 euro per persoon. In 2001 was dat nog gemiddeld 184 euro, in 2011 was dat 225 euro. Aandeel ouderen Het aandeel van de ouderen zal in die tien jaar ontzettend stijgen. In 2001 waren 65-plussers nog goed voor 35 procent van de geneesmiddelenkosten. In 2011 was dat al gestegen tot 39 procent. In 2021 zal het aandeel van de ouderen naar schatting 46 procent zijn. Als men op die basis de gemiddelde geneesmiddelenkost voor 65-plussers gaat berekenen, dan komt men uit op 670 euro per jaar. Dat is ontzettend veel, maar dat is minder dan de stijging van de gemiddelde geneesmiddelenkost van alle inwoners van Nederland. Daar waar de geschatte verhoging voor 65-plussers voor de komende tien jaar 18 procent bedraagt, zou dat voor de modale Nederlander bijna 25 procent zijn. Gebruik In de marge heeft de SFK ook berekend hoeveel de gemiddelde Nederlander eigenlijk slikt. Daarbij werd gekeken naar de hoeveelheid verstrekte geneesmiddelen uitgedrukt in standaarddagdoseringen (DDD). In 2001 gebruikte een Nederlander gemiddeld 350 DDD's. In 2011 was dat al met 43 procent toegenomen tot 500 DDD's per inwoner. Het valt daarbij op dat het slikgedrag bij Nederlanders, jonger dan 40 jaar, vrijwel stabiel blijft, terwijl vooral de 65-plussers meer gaan slikken. Hun gebruik is tussen 2001 en 2011 toegenomen, van 900 DDD's in 2001 tot 1.500 DDD's in 2011. Voorspelling Nu is en blijft het cijfer i.v.m. de geneesmiddelenkost natuurlijk maar een voorspelling. Nederland heeft immers een heel eigen manier van ziekteverzekering. De verzekeraars hebben behoorlijk wat in de pap te brokken en wat zij in de komende tien jaar zullen doen, is moeilijker in te schatten. Er zijn trouwens ook nog andere veranderingen in zicht. Zo zullen de apothekers onder bepaalde voorwaarden voor hogere tarieven in aanmerking komen. Zo zouden zij gecompenseerd worden voor een deel van de achteruitgang van de tariefinkomsten.