...

De Franstalige en Nederlandstalige kringen van artsen en apothekers in het Brusselse hebben deelgenomen aan een bevraging over de samenwerking tussen huisartsen en apothekers in dezelfde wijk. 43 Brusselse huisartsen en 127 Brusselse apothekers hebben aan de enquête deelgenomen. Amper contact Eerste vaststelling: hoewel ze in dezelfde wijk werken, hebben ze amper contact met elkaar. Moet er echt overlegd worden, dan is dat vluchtig en telefonisch. Echt overleg is zeldzaam en er zijn weinig formele afspraken tussen artsen en apothekers. De enige formele contacten die er zijn, gaan over methadon, substitutie, het afleveren van voorschriftplichtige geneesmiddelen zonder voorschrift en griepvaccinatie. Beide groepen geven aan dat tijdsgebrek aan de basis ligt van het gebrek aan overleg, maar vooral de apothekers ondervinden weinig medewerking van de artsen, die niet zouden openstaan voor overleg. Toch zijn het net de huisartsen die meer overleg zouden wensen. Overleg met apothekers uit de buurt zou kunnen leiden tot een betere medisch-farmaceutische opvolging van de patiënten en minder problemen met de voorschriften. Hand in eigen boezem Beide groepen steken ook de hand in eigen boezem en vinden dat ze zelf meer initiatief zouden moeten nemen. De Nederlandse zorgverleners zouden willen dat het Lokaal Multidisciplinair Netwerk of de beroepsvereniging het voortouw neemt. De Franstalige collega's willen wel telefonisch of schriftelijk overleggen, de Nederlandstaligen verkiezen persoonlijk contact, eventueel in groepsoverleg. Af en toe komen ook taalbarrières aan bod.