...

Het is een eind rijden naar Baarn in Nederland waar we een afspraak hebben met Kalman Petro, managing director van Actavis Benelux. Actavis heeft wel al een vaste stek in België, in Hasselt, maar gasten ontvangt mijnheer Petro voorlopig nog liever in Baarn. Petro is niet onbekend met het farmavak. Tot hij de baan bij Actavis aannam, werkte hij voor Celesio dat in België de Lloyds-apotheken en de groothandel PCB onder zich heeft. De farmawereld is een beetje in crisis, de ene na de andere afslanking wordt aangekondigd en plotseling is er dan een bedrijf dat zich nieuw op de Belgische markt profileert. Hoe valt dat te rijmen? Als ik het zo overdenk moet je inderdaad wel een beetje gek zijn om net nu die stap te zetten. Maar de tijd was er rijp voor en dan moet je niet aarzelen. Actavis is in België wel een nieuwe speler op de markt, maar wereldwijd is ze dat niet. Ze werd in 1956 in IJsland opgericht als groothandel in geneesmiddelen. In 1999 kwam er een bijzonder dynamische CEO aan het hoofd van het bedrijf. Er werkten toen 146 werknemers en de omzet was 157 miljoen euro. Nu, ruim tien jaar later, werken er 12.000 mensen bij Actavis, zijn we in meer dan 90 landen actief en draaien we een omzet van 1,8 miljard. Toverwoorden daarvoor zijn eerst en vooral dynamiek, maar ook autonome groei, overnames en samenwerkingsverbanden. Daardoor zijn we nu wereldwijd de vijfde speler op de generieke markt geworden. Actavis wedt eigenlijk ook voortdurend op twee paarden... Ja, dat is zo. Eerst was er gewoon Actavis, maar in 1985 kwam Medis er bij. Medis, dat geneesmiddelen voor de 'concurrent' produceert, is ook een pijler van de Actavis Group. De Actavispool is erg groot geworden, onder meer door een aantal belangrijke overnames. Zo was er in 2005 de overname van Alpharma, waardoor Actavis zich in Nederland sterk verankerde. Tot 2007 stond de naam van Alpharma trouwens nog op de geneesmiddelenverpakkingen, maar zoals na iedere overname werd de oude naam vervangen door de nieuwe naam en verscheen Actavis op alle geneesmiddelenverpakkingen. Alpharma had een interessante divisie generieke geneesmiddelen en Nederland is een land waar door het substitutierecht van de apothekers ontzettend actief VOS wordt uitgeschreven. Meer dan 50 procent is in Nederland VOS. De geneesmiddelenkosten voor de volksgezondheid worden slechts voor 10 procent door geneesmiddelen ingenomen, waarbij de generiek slechts een klein gedeelte van deze kosten is. Alleen dàt al is een duidelijk bewijs van de kostenbesparing die generieken betekenen. Toch heeft het tot 2009 geduurd voor Actavis zich op de Belgische markt heeft geworpen? In 2008 besliste de nieuwe CEO van Actavis dat de focus moest worden gesteld op de harmonisering van alle bedrijven die Actavis ondertussen had aangekocht. Een van deze bedrijven was Sindan, een Roemeens bedrijf en de grootste generieke oncologische fabrikant in Europa. Een andere, beslissende aankoop was die van een productieplant van Pfizer in Italië. Dat gaf meteen een aantal opportuniteiten die we niet mochten laten liggen. We konden immers de oncologische producten aan de bron vervaardigen. Actavis had toen net Floxapen van GSK gekocht, een antibioticum dat ook in België gerenommeerd is. Dat, in combinatie met de oncologische producten die we konden vervaardigen, trok ons over de streep om ons op de Belgische markt te richten. U kende de Nederlandse markt, maar de Belgische niet. Is die verenigbaar? (Mijnheer Petro schiet in de lach) Neen, helemaal niet. De bedrijfscultuur is helemaal anders en als je daar geen rekening mee houdt, dan mag je het vergeten. Het is een voortdurend aanpassen, een voortdurend leren, maar het is vooral een wederzijds leren. In Nederland gaat alles er wat 'losser' aan toe, minder hiërarchisch. Belgen hebben uiterst professionele omgangsvormen en ze zijn veel gestructureerder. Overigens hebben de Belgen ook een heerlijke tafelcultuur. Daar kunnen de Nederlanders nog iets van leren! Je moet je dus continu realiseren dat Nederland, België niet is en omgekeerd. Maar ook op het gebied van geneesmiddelenbeleid zijn er zo veel verschillen. Nederland heeft het preferentiebeleid, België de quota voor het goedkoop voorschrijven... Ik zetel voor het bedrijf ook als adviseur in de European Generic medicines Association (EGA) en zo zie je wat er over heel Europa gebeurt. Nederland is de voorloper geweest met zijn preferentiebeleid en België kan daar lessen uit trekken. Het preferentiebeleid is als opzet misschien goed, maar het kan op de lange termijn niet goed werken. Om de paar maanden kunnen onze producten als preferent of niet preferent door de zorgverzekeraar worden aangewezen. Maar sommige producten krijg je op zo'n korte tijd gewoon niet geproduceerd. Of de stocks zijn voortijdig uitgeput met alle gevolgen van dien. Gelukkig beginnen tal van zorgverzekeraars nu ook te zien dat de problemen wel erg groot worden. Er is een kentering, ook omdat door het preferentiebeleid therapietrouw en beschikbaarheid zeer zwaar in het gedrang komen. In de toekomst riskeren we een schaarste omdat de prijzen zo laag zijn, dat het niet meer rendabel is om het geneesmiddel op een productielijn te zetten. We moeten maatschappelijk en economisch verantwoorde prijzen krijgen. Voor u is 'hoe lager' de prijs niet 'hoe beter'? Neen, absoluut niet. Vergeet niet dat er een soort vicieuze cirkel is. Wij, als generieken, hebben er absoluut geen boodschap aan als de brands zo worden uitgeperst dat ze niet meer in onderzoek en ontwikkeling gaan investeren. Want alleen als er nieuwe brands zijn, kunnen er later generieken komen. Op dat gebied staan wij echt wel aan dezelfde kant! We zijn veel afhankelijker van elkaar dan we soms denken. En wat de producten zelf betreft: natuurlijk moeten we kijken naar de kosten, maar nooit ten koste van de patiënt of de zorgverlener. U bent nu in België gestart in de ziekenhuizen. Willen jullie dat uitbreiden? Wanneer komen de officina's aan de beurt? Of is dat geen optie? Ho, ho... alles op zijn tijd. Je kunt niet alles tegelijkertijd doen. Het heeft geen zin om overhaast te werk te gaan. Eerst moeten we België en de Belgen goed leren kennen. Wij willen een goede reputatie opbouwen, betrouwbaar, beschikbaar en aanspreekbaar zijn. Daarom willen we eerst naar de ziekenhuizen gaan, goed luisteren naar onze klanten en tegemoet komen aan hun wensen. Net daarom hechten wij ook grote waarde aan de lokale aanpak. Dat is de reden waarom wij alle contacten in België vanuit België en niet vanuit Nederland organiseren. Wij zijn een van de eerste generieken die met een VialShield? werken, een omhulsel van de flacon dat lekkage voorkomt bij breuk en daarmee de bereider beschermt tegen blootstelling aan de cytotoxische resten. Het aantal tussenstations tussen productie en aflevering wordt bij ons ook drastisch beperkt omdat we vanuit de bron kunnen werken en zo rechtstreeks naar het ziekenhuis kunnen. Daardoor is de kwaliteit ook gegarandeerd. Dus niet onmiddellijk Actavis in de officina... Niet onmiddellijk, neen, maar mogelijk wel binnen afzienbare tijd. In Nederland zijn we sinds 2007 zeer succesvol en hebben we een volumegroei van meer dan 40 procent gerealiseerd. Voor OTC en parafarmacie hebben we inmiddels 650 verkooppunten in drogisten en 450 in apotheken. Maar ook op dat gebied geldt dat we eerst de markt heel goed moeten verkennen. Zo is onze verzorgingslijn Decubal in Scandinavië erg populair en op dit moment onderzoeken we mogelijkheden voor het introduceren van een mannenverzorgingslijn. Een van de producten uit deze lijn is een deodorantroller, maar de Nederlanders willen die niet omdat de Nederlander liever spuit dan rolt. En de Belg? Dat zullen we eerst moeten uitzoeken...