Griep, migraine en pathologisch lachen correleren met CVA

  • Bijgewerkt om

Nieuwe studies hebben aangetoond dat een griepvirusinfectie het risico op cerebrovasculair accident verhoogt. Een andere studie leert dat patiënten die na de leeftijd van 50 jaar hevige migraine krijgen, een hoger risico op CVA lopen. En tot slot zou pathologisch lachen een eerste symptoom van een CVA kunnen zijn.

© Updates

Een groep van de Columbia University (New York) heeft twee studies gepubliceerd, waarin ze aantonen dat er een correlatie bestaat tussen griep en het risico op CVA. Het risico op CVA zou 40% hoger zijn tijdens de eerste 2 weken na een diagnose van griep en het risico zou verhoogd blijven gedurende een jaar. Volgens de vorsers is dat mogelijk toe te schrijven aan de ontsteking als gevolg van de infectie.

Diezelfde groep heeft ook een hoger risico op scheuren van de halsslagaders vastgesteld tijdens de eerste maand na een griep. Zo'n dissectie is een van de belangrijkste oorzaken van ischemisch cerebrovasculair accident bij patiënten van 15 tot 45 jaar.

Andere Amerikaanse vorsers hebben vastgesteld dat hevige migraine na de leeftijd van vijftig jaar zou kunnen correleren met een hoger risico op CVA (2). Ze zijn tot die conclusie gekomen na onderzoek van 447 patiënten met migraine met aura en 1128 patiënten met migraine zonder aura. Het absolute risico op CVA was 8,27% bij de patiënten met migraine met aura en 4,25% bij de patiënten met migraine zonder aura.

Pathologisch lachen zou het eerste symptoom kunnen zijn van een CVA van bepaalde hersenstreken. Pathologisch lachen is een prodromaal, onbedwingbaar lachen zonder reden. Neurologen van het CHU van Rouen hebben zo'n casus beschreven: een 57-jarige man die op de spoedafdeling werd opgenomen wegens een plotselinge hemiparese voorafgegaan door pathologisch lachen (3).

(referenties:

(1) American heart Association, news release, 30 januari 2019,

(2) Headache, 21 januari 2019, doi: 10.1111/head.13468,

(3) The Journal of Emergency Medicine, november 2018, DOI: 10.1016/j.jemermed.2018.07.020)