...

Blootstelling aan uv-stralen veroorzaakt fysicochemische afwijkingen, die nefast zijn voor de huid:Zonne-erytheem: fenomeen van wisselende intensiteit, dat afhangt van de dosis en de aard van de stralen. Een uv B-erytheem omvat een onmiddellijke fase, die wordt veroorzaakt door de afgifte van vasoactieve stoffen, en een late fase met vorming van zonnebrandcellen in de opperhuid. Een uv A-erytheem wordt gekenmerkt door afwijkingen van de lederhuid (uv A-stralen dringen immers dieper in de huid) en spongiose (dissociatie van de cellen) van de opperhuid.Fotoveroudering: als gevolg van afwijkingen van het DNA veroorzaakt door uv A- en in mindere mate uv B-licht.Foto-immunosuppressie: vermindering van de immunologische reacties in de huid.Fotogenotoxiciteit: afwijkingen van de scheikundige structuur van het DNA met daardoor mutaties of afsterven van de cel.Fotocarcinogenese: ontwikkeling van carcinomen en melanomen.Lichtdermatose: veroorzaakt door diverse factoren (exogene, metabole, idiopathische).Je moet al van op zeer jonge leeftijd een zonnebril dragen. Uv A-licht kan immers fotokeratitis, fotoconjunctivitis en een voortijdige veroudering van de ooglens veroorzaken.Infraroodstralen, die verantwoordelijk zijn voor het warmtegevoel, dringen ook in de lederhuid en verminderen de hoeveelheid collageen in de huid.De Europese Unie beschouwt zonneproducten als cosmetica. Zonneproducten moeten beschermen tegen uv B-licht met een SPF (Sun Protecting Factor) van minstens 6, moeten ook een bescherming bieden tegen uv A-licht die gelijk is aan minstens 1/3 van de SPF, en moeten ook beschermen tegen de langste uv A-stralen (kritische golflengte: 370 nm). De richtlijn CE/1223/2009 (juli 2013) limiteert de goedgekeurde stoffen en hun concentraties in zonneproducten.Chemische filters absorberen de energie, die de uv-stralen uitzenden, en maken die onschadelijk. Die organische stoffen beschermen slechts tegen bepaalde golflengtes en moeten dus worden gecombineerd om een breed spectrum te dekken en om de concentraties te kunnen beperken tot de concentraties die de Europese regelgeving toestaat.Sommige filters zoals benzofenon zijn vermoedelijk hormoonverstoorders en worden dan ook een groot probleem bij herhaald aanbrengen op de huid van kinderen. Bovendien kunnen ze terechtkomen in de voedselketen van zeewater en rivieren als mensen gaan baden. Andere filters zoals octocryleen zijn allergiserend of worden snel afgebroken, waardoor ze minder lang werken.Minerale schermen (zinkoxide, titaanoxide) weerkaatsen het licht en vormen een beschermende barrière. Die filters dringen niet in de huid en veroorzaken minder allergische reacties. Een nadeel is dat ze wit worden bij het aanbrengen op de huid. De consumenten vinden die "witte film" ontsierend. Om dat te voorkomen, hebben vorsers schermen van nanopartikels ontwikkeld. Volgens preliminaire onderzoeken zouden die partikels echter toxisch kunnen zijn als gevolg van hun fotoactiviteit (met vorming van vrije radicalen) en van mogelijke penetratie in het lichaam via huidletseltjes.De vermelding "nano" op de lijst van ingrediënten is verplicht bij gebruik van nanopartikels in cosmetica. Een studie van het INRA (Institut national de recherche agronomique) heeft aangetoond dat contact met titaandioxide de groei van precancereuze darmletsels en stoornissen van het immuunsysteem in de hand zou werken. Daarom zal het gebruik ervan als voedseladditief vanaf 2020 in Frankrijk worden verboden. Maar ondanks de polemiek zal het verbod niet gelden voor cosmetica (zonneproducten, tandpasta) of geneesmiddelen.Door gebruik te maken van natuurlijke filters van algen ( Laminaria digitata, Gelidium sesquipedale, Polysiphonia lanosa ...) kan je de chemische filters in zonneproducten verminderen.De industrie werkt haar zonneproducten voortdurend bij om een bredere bescherming te bieden tegen korte en lange uv A-stralen en maakt daarbij ook gebruik van stoffen met antioxidatieve eigenschappen of stoffen gericht tegen vrije radicalen: vitamine C, vitamine E, bètacaroteen, flavonoïden en glutathion.Plantaardige olie van karanja bevat veel flavonoïden (pongamol en karanjine), verhoogt de fotoprotectie en breidt die uit naar uv B-stralen, waardoor de hoeveelheid organische filters kan worden verlaagd. Karanjaolie heeft weekmakende en verzachtende eigenschappen en gaat veroudering tegen. Bio-zonneproducten en zonneproducten voor het haar bevatten karanjaolie. Glabridine blokkeert het tyrosinase, dat meespeelt bij de vorming van melanine, en gaat zo de vorming van vlekken tegen. Glabridine zit onder meer in producten om het gezicht te beschermen tegen hyperpigmentatie, type zwangerschapsmasker (chloasma), vooral bij vrouwen met een matte huid.Je kan de textuur verbeteren voor verschillende doeleinden: verfrissend effect door toevoeging van menthol en andere verfrissende werkzame stoffen, mogelijkheid om het product aan te brengen op een natte huid, een galenische vorm die niet pikt of irriteert en geschikt is voor gevoelige ogen, en een lichtere textuur zoals producten voor verstuiving of water ter bescherming tegen de zon. Die laatste worden aangeboden in een bifasische vorm; je moet ze dan ook schudden voor gebruik. Ze geven geen vettig gevoel en beschermen goed tegen de zon.Het aantal zonnefilters en vooral dan wateroplosbare zonnefilters en het gebruik van silicone nemen af om de schade voor het milieu te verminderen.